InfoNu.nl > Hobby en Overige > Fotografie > Fotografie: uitleg over diafragma, sluitertijd en zoomlenzen

Fotografie: uitleg over diafragma, sluitertijd en zoomlenzen

Fotografie: uitleg over diafragma, sluitertijd en zoomlenzen Wanneer men goed foto’s wil leren maken dan kan met kennis van het diafragma, sluitertijd en ISO-waarde al heel snel goede stappen voorwaarts worden gemaakt. Het diafragma is een schijfje dat de hoeveelheid binnenvallend licht reguleert, dit wordt uitgedrukt in F. De sluitertijd is de tijd waarmee de sensor in de camera wordt belicht, dit wordt uitgedrukt in seconden. De ISO-waarde reguleert de gevoeligheid van de digitale sensor in de camera. Met een zoomlens kan een te fotograferen object worden vergroot dan wel verkleind, de waarden van de lens worden uitgedrukt in millimeters. Men onderscheidt telelenzen, macrolenzen en de standaard lens. Het diafragma dat de fotograaf kan gebruiken is sterk afhankelijk van het type zoomlens, en daarmee beïnvloedt het type lens ook de sluitertijd die moet worden gekozen. Tot slot valt of staat elke goede foto met het gebruik van een stevig statief.

Werking van het diafragma

Het diafragma is een set van lamellen die razendsnel naar binnen of naar buiten kunnen schuiven, zo vormen ze een kleine nauwe cirkel of een grote wijde opening. De functie van het diafragma is de hoeveelheid licht te reguleren die door de lens in de camera op de sensor valt. Een groot open diafragma wordt met een lage F-waarde aangegeven, en een klein bijna gesloten diafragma met een hoge F-waarde. Mensen die een beetje thuis zijn in de wereld van telescopen weten hoe dit komt. Telescopen met een lage F-waarde, bijvoorbeeld F5 hebben een relatief grote opening in verhouding tot de lengte van de telescoop, en telescopen met een waarde van F10 hebben een smalle opening in verhouding tot de lengte. Telescopen met een lage F-waarde heten dan ook lichtsterk of snel te zijn, met een fotocamera geldt hetzelfde principe. Een lage F-waarde betekent dat de camera “snel” is, in weinig tijd kan veel licht worden opgevangen, en dus is de camera zeer snel in het maken van een lichtsterke foto. Een fraaie bijkomstigheid van het diafragma is dat met de scherptediepte kan worden gespeeld. Bij een lage F-waarde (bijvoorbeeld F4) kan slechts in een beperkt gebied scherp worden gesteld, en dat levert altijd van die sfeervolle foto's op met mooie wazige achtergrond. Bij gebruik van een hoge F-waarde is de scherptediepte het grootst, en zal de foto vrijwel overal scherp zijn.

Een situatie waarbij het diafragma op een hogere F-waarde moet worden gezet is tijdens het fotograferen van landschappen. Om alle details, ver weg en dichtbij, scherp op de foto te krijgen moet met een grote scherptediepte worden gewerkt, en dat kan alleen met een diafragma dat “nauw” staat ingesteld. Echter, als het diafragma vrijwel gesloten is dan valt er minder licht naar binnen, en moet er dus langer belicht worden. Omdat dan langer moet worden belicht bestaat een grotere kans dat de foto als gevolg van beweging van de camera onscherp wordt, en dat is de reden waarom fotografen bij het maken van landschapsfoto’s altijd met een statief werken. Een goede diafragmawaarde bij een landschapsfoto is bijvoorbeeld F10, en dit kan heel goed worden ingesteld door de AV-stand van de camera te gebruiken. Wil men met een zo klein mogelijke scherptediepte werken (dus foto’s met een wazige achtergrond), ook dan is de AV-stand zeer geschikt om het diafragma op een vaste lage waarde in te stellen.

Onthoud:
  • Een hoge diafragmawaarde (F22) betekent een klein nauw diafragma
  • Een lage diafragmawaarde (F4) betekent een groot open diafragma
  • Landschapsfoto’s behoeven een hoge diafragmawaarde en een statief

Hoe werkt de sluitertijd?

Op een goede camera zit een belichtingsmeter, dit is vaak een horizontaal digitaal balkje dat te zien is op het LCD-scherm of wanneer door de zoeker wordt gekeken. Een camera zal bij automatische instellingen altijd het midden van deze balk willen opzoeken, dit heet ook wel 18% grijswaarde. Als het diafragma wijd openstaat, dan valt er veel licht binnen, de camera zal dan op basis van de belichtingsmeter een zeer korte sluitertijd kiezen (bijvoorbeeld 1/200 seconden). Kiest men echter voor een hoog diafragma (bijvoorbeeld F20) dan zal er langer belicht moeten worden om de wijzer van de belichtingsmeter toch in het midden te krijgen, en dat betekent een langere sluitertijd (bijvoorbeeld 1/15 seconden). Sluitertijd en diafragma vormen samen dus een evenwicht. Er is een vuistregel die zegt dat vanuit de hand met een maximale sluitertijd van 1/30 seconden mag worden gefotografeerd om een scherpe foto te krijgen, én dat de maximale sluitertijd bij handfotografie bovendien 1 / het aantal mm van de lens mag zijn. Heeft men een 200 mm lens op de camera gemonteerd dan bedraagt de maximale sluitertijd waarmee vanuit de hand kan worden gefotografeerd dus 1/200 seconden.

Was het diafragma dé manier om met de scherptediepte te spelen, met de sluitertijd kan worden gespeeld met de scherpte van vooral bewegende objecten. Een wazige waterval die wat langer belicht is geeft meer sfeer dan wanneer alle waterdruppels kristalhelder worden weergegeven door middel van een korte sluitertijd. En ’s avonds in het donker kunnen zonder flitser prima foto’s worden gemaakt van nachttaferelen, bijvoorbeeld met lange strepen van autoverlichting of fraai verlichte kerkgebouwen. Ook hier is een statief weer een must. Met de tv-stand van de camera kan een gewenste vaste sluitertijd worden ingesteld, alle andere waarden worden dan automatisch door de camera ingesteld.

Onthoud:
  • Wanneer vanuit de hand wordt gefotografeerd dan mag maximaal een sluitertijd van 1/30 seconden worden aangehouden
  • Eveneens geldt dat de sluitertijd maximaal 1 / de brandpuntsafstand van de lens mag zijn
  • Met een lens van 100 mm bedraagt de maximale sluitertijd tijdens handfotografie 1/100 seconden
  • Met een lens van 18 mm bedraagt de maximale sluitertijd 1/30 seconden

ISO-waarde

Er is een derde component om de juiste belichting tijdens het maken van een foto in te stellen, en dat is de ISO-waarde. Met de ISO-waarde kan de gevoeligheid van de sensor in de camera worden ingesteld en dat is met name prettig wanneer in donkere situaties zonder flitser moet worden gewerkt, én men toch een korte sluitertijd moet gebruiken. Voorbeelden zijn donkere kerkinterieurs of popconcerten. Ook een zeer schemerige zonsondergang kan vaak een wat hogere ISO-waarde nodig hebben, zeker wanneer men geen statief heeft om de foto lang te belichten. De ISO-waarde is dus een soort noodgreep die men pas wijzigt nadat aanpassingen in de sluitertijd en het diafragma instellingen niet voldoende blijken. Een bekend nadeel van een te hoge ISO-waarde is de hoeveelheid ruis in een foto, dit is te zien aan veel rode puntjes in de donkere gebieden van een foto. Boven een ISO-waarde van 400 doet zich deze ruis zich al voor. Veel moderne camera’s gaan tot een ISO-waarde van maar liefst 6400 of 12800. De ISO-waarde vormt samen met het diafragma en de sluitertijd de zogenaamde belichtingsdriehoek.

Onthoud:
  • De ISO-waarde kan goed gebruikt worden om in donkere situaties te kunnen fotograferen, boven de 400 zal echter meer ruis op de foto komen
  • De ISO-waarde vormt samen met het diafragma en de sluitertijd de belichtingsdriehoek

Diafragma in relatie tot zoomlenzen

Op de zoomlens van de fotocamera staat een getal, bijvoorbeeld 18-55 mm, dit geeft de minimale en maximale grootte van de lens aan. Wanneer volledig wordt ingezoomd, is de brandpuntsafstand 55 mm en als wordt uitgezoomd is deze 18 mm. Met deze twee uiterste waarden hangt de minimale en maximale diafragmawaarde samen. Voorbeeld, als de lens volledig is uitgezoomd dan kan een minimaal diafragma van F 3.5 worden ingesteld (en maximaal F22), echter als de lens volledig is ingezoomd dan kan een minimaal diafragma van F 5.6 worden ingesteld (en maximaal F38). Dit betekent dat wanneer er wordt uitgezoomd er meer licht in de camera kan vallen, want het diafragma kan verder openstaan. Inzoomen betekent dus altijd dat er minder licht op de sensor van de camera valt, en dat via een langere sluitertijd dan wel ISO-waarde de belichtingssterkte moet worden gecompenseerd. Hele dure lenzen kenmerken zich door de mogelijkheid een zeer lage diafragmawaarde in te kunnen stellen. Overigens zijn lenzen meestal op hun scherpst wanneer in het middengebied tussen de uiterste brandpuntsafstanden wordt gewerkt, in dit voorbeeld rond de 25-40 mm.

Onthoud:
  • Met het wijzigen van de brandpuntsafstand van de zoomlens wijzigt ook de minimale en maximale diafragmawaarde
  • Lenzen zijn meestal op hun scherpst in het gebied tussen de minimale en maximale brandpuntsafstand

Macrolenzen, telelenzen en standaard lenzen

Alle lenzen met een brandpuntsafstand beneden de 50 mm kunnen als een macrolens worden gezien, en alle lenzen boven de 50 mm als een telelens. Een lens van 50mm heet een standaard lens. Een 18-55 mm zoomlens die meestal met een camera wordt meegeleverd is dus een macro-, standaard en telelens ineen. Als men een lens koopt van bijvoorbeeld 70-200 mm, dan wil dat zeggen dat de lens het meest vergroot bij 200 mm en het minst bij 70 mm. Maar hoe werkt dit nu precies? De waarde van 70 mm geeft de brandpuntsafstand aan van de lens. Hoe groter de brandpuntsafstand hoe kleiner de beeldhoek is, en hoe kleiner het beeld is dat op de sensor van de camera wordt geprojecteerd, het beeld wordt dus sterker vergroot bij 200 mm dan bij 70 mm. Een 55 mm lens zal ongeveer 3 keer sterker vergroten dan een 18 mm lens. En een 200 mm lens zal 200/50 = 4 keer vergroten ten opzichte van een standaard lens. Dat valt qua vergroting nog best tegen, men denkt vaak bij aankoop van een 200 mm lens dat er al een soort telescoop is aangeschaft, maar niets is minder waar. In de natuurfotografie wordt dan ook vaak met lenzen vanaf 400 tot 600 mm gefotografeerd.

Er is nog een factor die meespeelt bij de vergrotingsfactor en dat is de grootte van de digitale sensor. Modernere camera’s hebben een beeldsensor van 35 x 24 mm (een full frame sensor). Bij oudere camera’s is de sensor vaak 24 x 16 mm groot, in dat geval moet het aantal millimeters van de lens door 1,6 worden gedeeld om hetzelfde beeld dat op de foto komt te kunnen berekenen. Met andere woorden: bij een 35 x 24 mm sensor is een lens van 50 mm de standaard lens, maar bij een 24 x 16 mm sensor is ongeveer 33 mm de standaard lens. Heeft men bij een grotere sensor een 600 mm lens nodig om een Vlaamse Gaai vol in beeld te krijgen, bij een kleine sensor kan wellicht volstaan worden met een 400 mm lens. Controleer dus eerst hoe groot de sensor in de camera is voordat een nieuwe telelens wordt aangeschaft, misschien is een 400 mm lens ook geschikt om die Vlaamse Gaai op de gevoelige plaat vast te leggen! Overigens is alles relatief; een kleinere sensor betekent ook vaak minder pixels en weer een minder goed resultaat bij het bijsnijden van een foto.

Onthoud:
  • Bij een grote beeldsensor van 35 x 24 mm is een lens van 50 mm de standaard lens
  • Lenzen groter dan 50 mm zijn telelenzen
  • Lenzen kleiner dan 50 mm zijn macrolenzen
  • Als met de lens sterk wordt vergroot dan zal de hoeveelheid licht afnemen

Rekenvoorbeelden om de vergrotingsfactor te bepalen

Dan nu tot slot even wat rekenwerk. Volgens de literatuur geeft een 50 mm lens een standaardbeeld en dus een 1-op-1-situatie met de werkelijkheid, indien een full frame sensor van 35 mm wordt gebruikt. Een 200 mm lens zal dus vier keer vergroten, dit wil zeggen dat op een afstand van vijf meter voor de lens een beeldvlak van 50/200 x 500 cm = 125 cm hoogte in beeld wordt gebracht. Een vogel van 20 cm groot komt dan voor slechts 20/125 = 16% in beeld. Een 600 mm lens projecteert op een afstand van vijf meter een beeldhoogte van 50/600 x 500 = 42 cm op de sensor, de vogel zal nu al de helft van het beeld innemen, en dat is voor natuurfotografie voldoende. De werking van een zoomlens berust op het verkleinen van de hoek. Bij een standaard lens is die hoek vergelijkbaar met het menselijk oog, ongeveer 45 graden*. Een 200 mm lens geeft een hoek van ongeveer 14 graden, en een 600 mm lens een hoek van circa 5 graden.

* Er wordt in de literatuur ook melding gemaakt van een kijkhoek van 53 graden.

Tot slot: koop een goed statief

De beste tip behoeft eigenlijk weinig woorden, en die luidt: koop een statief. Met een statief worden landschapsfoto’s scherper, veel goede foto’s zijn dan ook met een statief gemaakt. Gebruik ook de timerfunctie op de camera en foto’s zullen veel scherper worden. Met een statief kan eveneens veel beter en rustiger een goede compositie worden uitgekozen, en natuurlijk ook langdurige stabiele opnames worden gemaakt als video's en nachtelijke foto's.
© 2016 - 2017 Blauwevinvis, het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Tips voor digitale fotografie: diafragmaSinds de digitale fotografie opgekomen is, heeft iedereen zich wel een digitale camera aangeschaft. Maar kunnen we deze…
Fotografie: Diafragma/Aperture - de basicsFotografie: Diafragma/Aperture - de basicsHet diafragma (in het Engels ‘aperture’ genoemd) is één van de belangrijkste instellingen van een spiegelreflexcamera en…
Spiegelreflexcamera: diafragma, sluitertijd en ISOSpiegelreflexcamera: diafragma, sluitertijd en ISOJe hebt een digitale spiegelreflexcamera (DSLR) aangeschaft, maar je hebt geen idee wat de sluitertijd, ISO-waarde of he…
Fotograaf: speel met diafragma, sluitertijd en ISO-waarde!Fotograaf: speel met diafragma, sluitertijd en ISO-waarde!Fotocamera's zorgen zelf voor een juiste belichting, maar u kunt daar ook mee spelen. Door diafragma of sluitertijd aan…
Tips voor digitale fotografie: BelichtingSinds de digitale fotografie opgekomen is, heeft iedereen zich wel een digitale camera aangeschaft. Maar kunnen we deze…
Bronnen en referenties
  • http://www.wilmakarels.nl/natuurfotografie/telewerk.php
  • http://www.digitalefotografietips.nl
  • https://en.wikipedia.org/wiki/Normal_lens

Reageer op het artikel "Fotografie: uitleg over diafragma, sluitertijd en zoomlenzen"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Infoteur: Blauwevinvis
Laatste update: 28-07-2016
Rubriek: Hobby en Overige
Subrubriek: Fotografie
Bronnen en referenties: 3
Schrijf mee!